12-05-09

Brief aan mn muze

.
Ik mis je.
Weet je dat?
.
Ik vraag me af wat ik gedaan heb om je zo ver weg te jagen. Ben ik ongeduldig met je geweest? Arrogant? Ondankbaar? Je had de gewoonte ontdekt om me te overspoelen, week na week. Als een bad op zaterdag. Ik was het gewoon geworden, dat je er was, zoals de spinnen in de hoeken van mijn kamer...
.
Néé niet beginnen huilen! Zo bedoelde ik het niet! Wacht es, ik formuleer het anders.
Ik mis de kleuren van je woorden, zoals ze spontaan groeiden als bloemen. En hoe ik ze maar te plukken had.  
.
Wil je misschien terugkomen? Zal ik mn agenda erbij nemen? Ja, het past voor mij elke dag. Je kiest maar. Op regen hoef je niet te wachten, ik besproei je desnoods. En ja de waterrekening is voor mij, maak je geen zorgen.
Als je maar komt.
.
Ik kijk naar je uit.
.
Liefs,
.
Blink-zonder-bling

11:31 Gepost door Blink in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

Commentaren


Gesprek met een steen

Ik klop op de deur van de steen.
"Ik ben het, doe open.
Ik wil in je binnenste gaan,
overal rondkijken,
je helemaal inademen."

"Ga weg," zegt de steen.
"Ik ben hermetisch gesloten.
Zelfs aan stukken geslagen
zullen we hermetisch gesloten blijven.
Zelfs fijngemalen tot zand
zullen we niemand binnenlaten."

Ik klop op de deur van de steen.
"Ik ben het, doe open.
Ik kom uit louter nieuwsgierigheid
die alleen het leven kan bevredigen.
Ik ben van plan rond te dwalen in je paleis
en daarna nog blad en waterdruppel te bezoeken.
Ik heb niet veel tijd.
Mijn sterfelijkheid hoort je te ontroeren."

"Ik ben van steen," zegt de steen,
"en moet daarom beslist mijn ernst bewaren.
Ga weg.
Ik heb geen lachspieren."

Ik klop op de deur van de steen.
"Ik ben het, doe open.
Ik heb gehoord dat binnen grote lege zalen zijn,
verlaten en vruchteloos mooi,
geluidloos en zonder echo van enige voetstap.
Geef toe dat je er zelf niet veel van weet."

"Inderdaad, grote en lege zalen," zegt de steen,
"maar daar is echt geen plaats.
Mooi, wellicht, maar buiten het bereik
van jouw zwakke zintuigen.
Je kunt me leren kennen, maar nooit doorgronden.
Gans mijn oppervlak keer ik naar jou toe,
met mijn hele binnenste lig ik afgewend."

Ik klop op de deur van de steen.
"Ik ben het, doe open.
Ik zoek in jou geen eeuwig asiel.
Ik ben niet ongelukkig.
Ik ben niet dakloos.
Mijn wereld is een terugkeer waard.
Ik kom en ga met lege handen.
En als bewijs dat ik er werkelijk ben geweest,
heb ik niets anders in petto dan woorden
die niemand zal geloven."

"Je komt er niet in," zegt de steen.
"Je mist de zin om deel te nemen.
Er is niets wat dit gebrek aan deelneming vervangen kan.
Zelfs een geoefende blik die niets ontgaat
zal je zonder deze zin voor deelneming niet baten.
Je mag niet binnen,
je hebt geen flauw idee van de kwintessens,
hoogstens een kiem, verbeelding."

Ik klop op de deur van de steen.
"Ik ben het, doe open.
Ik kan geen tweeduizend eeuwen wachten
voor ik in jouw huis mag komen."

"Als je mij niet gelooft," zegt de steen,
"vraag het dan aan het blad, je zult hetzelfde horen.
Vraag het de waterdruppel, hij zal dit beamen.
Vraag het ten slotte een haar op je eigen hoofd.
Ik barst uit in gelach, ja gelach, geweldig gelach,
al weet ik niet hoe ik moet lachen."

Ik klop op de deur van de steen.
"Ik ben het, doe open."

"Ik heb geen deur," zegt de steen.


Wisława Szymborska (1962)
© Uit het Engels vertaald door Lepus

Gepost door: Je Muze | 19-05-09

de langste reactie ooit! zoveel is zeker :-)
wel hard, bij momenten. en ondoorgrondelijk.
Je zou er eindeloos op kunnen filosoferen.

Dankjewel voor dit verrijkend stukje proza!

Gepost door: Blink | 20-05-09

De commentaren zijn gesloten.